Je hebt Allah om vergeving gevraagd. Je bent gestopt met de zonde, hebt spijt en probeert je leven te veranderen. Toch blijft het verleden terugkomen.
Wanneer je alleen bent, herinner je je wat je hebt gedaan. Je schaamt je en vraagt jezelf af:
Hoe kan Allah mij vergeven als ik mezelf niet eens kan vergeven?
Oprecht berouw is belangrijk. Maar jezelf voortdurend haten is niet hetzelfde als tawbah. Tawbah brengt je terug naar Allah. Zelfhaat kan je juist gevangenhouden in het verleden.
Berouw is niet hetzelfde als wanhoop
Spijt hoort bij tawbah. Zonder het besef dat iets verkeerd was, ontbreekt de aanleiding om werkelijk te veranderen. Maar gezond berouw zegt:
Ik heb iets verkeerds gedaan en wil terugkeren naar Allah.
Verlammende schaamte zegt:
Ik ben slecht, onwaardig en voor mij bestaat geen nieuwe kans.
Dat tweede is geen verdieping van tawbah. Het kan uitlopen op wanhoop aan de genade van Allah. Juist daarvoor waarschuwt Allah:
“O Mijn dienaren die buitensporig tegenover zichzelf zijn geweest, wanhoop niet aan de genade van Allah.”¹
Allah roept mensen niet op om hun zonden te ontkennen. Hij roept hen op om terug te keren zonder de hoop te verliezen.
Je hoeft jouw fout dus niet klein te maken. Maar je mag de genade van Allah evenmin klein maken.
Allahs vergeving wordt niet bepaald door jouw gevoel
Na tawbah kan het nog steeds een tijd duren voordat schuld en schaamte minder worden. Emoties verdwijnen niet altijd op het moment waarop je om vergeving vraagt.
Dat betekent niet automatisch dat jouw tawbah niet is aanvaard.
Allah zegt:
“Wie iets slechts doet of zichzelf onrecht aandoet en daarna Allah om vergeving vraagt, zal Allah Vergevensgezind en Meest Barmhartig vinden.”²
De Qur’an verbindt tawbah aan terugkeren, geloven en goede daden verrichten. Allah belooft zelfs dat Hij de slechte daden van degenen die oprecht berouw tonen en hun leven veranderen in goede daden kan omzetten.³
De maatstaf is dus niet of jij je onmiddellijk schoon en opgelucht voelt. De belangrijke vragen zijn: was jouw tawbah oprecht? Ben je gestopt met de zonde? Heb je werkelijk spijt? Wil je niet terugkeren? Probeer je de schade te herstellen?
Je gevoel kan achterlopen op de verandering die al in jouw leven is begonnen.
Blijf niet jezelf straffen
Sommige mensen denken dat zij hun berouw bewijzen door zichzelf jarenlang pijn te blijven doen. Iedere vreugde voelt ongepast. Wanneer iets goeds gebeurt, denken zij:
Dit verdien ik niet.
Maar Allah heeft jou niet opgedragen om na oprechte tawbah zelf een levenslange straf te bedenken.
In een ḥadīth qudsī vertelt de Profeet Mohammed (vzmh) over een dienaar die zondigde, Allah om vergeving vroeg en daarna opnieuw viel. Telkens erkende hij dat hij een Heer had Die zonden vergeeft en mensen ter verantwoording roept. Allah schonk hem opnieuw vergeving.⁴
Deze overlevering geeft geen toestemming om zonden lichtvaardig te blijven begaan. Zij leert wel dat een terugval of pijnlijke herinnering jou niet van Allah hoeft weg te drijven.
Wanneer je berouw je dichter bij Allah brengt, helpt het jou. Wanneer schuldgevoel je laat denken dat bidden, du‘ā’ of goede daden geen zin meer hebben, is het een val geworden.
Heb je iemand pijn gedaan?
Tawbah gaat niet alleen over wat zich tussen jou en Allah afspeelt. Wanneer je de rechten van een ander hebt geschonden, moet je de schade zo veel mogelijk herstellen.
Gestolen bezit moet worden teruggegeven. Een schuld moet worden betaald. Onrecht moet worden beëindigd. Soms is een oprecht excuus nodig. In andere situaties kan het rechtstreeks benaderen van iemand juist nieuwe schade veroorzaken. Vraag bij twijfel advies aan een betrouwbare en deskundige persoon.
De Profeet Mohammed (vzmh) waarschuwde voor iemand die op de Dag des Oordeels met ṣalāh, vasten en zakāh verschijnt, maar anderen heeft beledigd, beschuldigd, mishandeld of van hun bezit heeft beroofd. Zijn goede daden worden dan gebruikt om het onrecht te vereffenen.⁵
Jezelf haten herstelt het recht van een ander niet. Verantwoordelijkheid nemen doet dat wel.
Wat doe je wanneer de herinnering terugkomt?
Wanneer je oude zonde opnieuw in je gedachten verschijnt, hoef je niet iedere keer te doen alsof jouw eerdere tawbah waardeloos was.
Zeg astaghfirullāh, maar blijf daarna niet eindeloos in dezelfde gedachte ronddraaien. Verricht een goede daad, doe du‘ā’ voor standvastigheid en richt je aandacht opnieuw op het leven dat je nu probeert op te bouwen.
Vraag jezelf niet alleen:
Hoe slecht was ik?
Vraag ook:
Wie wil ik door de leiding van Allah worden?
De Profeet Mohammed (vzmh) vertelde dat Allah Zich meer verheugt over de tawbah van Zijn dienaar dan een reiziger die in de woestijn zijn verloren rijdier met al zijn voedsel en drinken terugvindt.⁶
Jouw terugkeer is dus niet iets waarmee Allah jou met tegenzin ontvangt.
Laat jouw verleden een bron van groei worden
Misschien kun je niet vergeten wat er is gebeurd. Maar vergeten is ook niet noodzakelijk. Een herinnering kan je nederig houden, je zachter maken tegenover anderen en je eraan herinneren hoe afhankelijk je bent van Allah.
Het verleden hoeft geen gevangenis te blijven. Het kan een plaats worden waaruit wijsheid, mededogen en goede daden groeien.
Blijf daarom niet alleen kijken naar degene die jij vroeger was. Kijk ook naar de richting waarin je nu loopt.
Je hebt tawbah verricht. Blijf de schade herstellen waar dat nodig is. Blijf goede daden verrichten. Blijf hopen op de genade van Allah.
Oprecht berouw betekent niet dat je jouw zonde vergeet. Het betekent dat je haar niet langer toestaat om jou bij Allah vandaan te houden.
Bronnoten
- Qur’an 39:53.
- Qur’an 4:110.
- Qur’an 25:70–71.
- Muslim ibn al-Ḥajjāj, Ṣaḥīḥ Muslim, nr. 2758a; zie ook Al-Bukhārī, Ṣaḥīḥ al-Bukhārī, nr. 7507.
- Muslim ibn al-Ḥajjāj, Ṣaḥīḥ Muslim, nr. 2581.
- Muslim ibn al-Ḥajjāj, Ṣaḥīḥ Muslim, nr. 2747a.








